BishopAccountability.org
 
  "Broeder Vermoordde Jongens"

The Trouw
September 5, 2011

http://www.trouw.nl/tr/nl/5091/Religie/article/detail/2892722/2011/09/06/Broeder-vermoordde-jongens.dhtml

Jongensinternaat Sint Joseph in Heel, waar in de jaren vijftig opvallend veel geestelijk gehandicapte jongens stierven. FOTO © CHRIS KEULEN

Oud-hoofdverpleegkundige Nico van Hout van het rooms-katholieke jongensinternaat Sint Joseph in Heel, zegt dat een broeder hem veertig jaar geleden heeft verteld dat diens voorganger ongeveer twintig geestelijk gehandicapten om het leven heeft gebracht.

Dat zou een verklaring kunnen zijn voor het raadsel van Heel: tussen 1952 en 1954 lag het sterftecijfer onder de geestelijk gehandicapte jongens die in de door broeders geleide instelling verbleven beduidend hoger dan de jaren ervoor en erna.

De commissie-Deetman, die onderzoek doet naar seksueel misbruik van kinderen binnen de rooms-katholieke kerk in Nederland, stuitte onlangs na archiefonderzoek op de afwijkende sterftecijfers in het jongensinternaat. Het OM in Roermond neemt de verklaring van Van Hout mee in het onderzoek dat op dit moment wordt uitgevoerd.

Het hoge dodental over de periode '52-'54 is al jaren bekend. Tot nu toe werd aangenomen dat de sterfgevallen waren toe te schrijven aan epidemieen, zoals tbc, die gemakkelijk konden uitbreken doordat destijds zestig personen op een zaal sliepen.

Van Hout deed zijn uitspraak over de moordende broeder op televisie in 'Brandpunt'. Het verhaal over de gedode jongens was hem verteld door de inmiddels overleden broeder Augustinus, de opvolger van de pater die de jongens, naar eigen overtuiging, 'uit hun lijden' zou hebben 'verlost'. Volgens Van Hout liet broeder Augustinus hem zowel het kamertje zien waar de lege doodskisten stonden als het kamertje waar de jongens om het leven waren gebracht.

De oud-verpleegkundige zou destijds met het verhaal naar de inmiddels overleden huisarts van Heel en vaste arts van de instelling te zijn gegaan. Die gaf aan erg in zijn maag te zitten met de sterfgevallen, omdat hij werd geacht steeds een natuurlijke dood te constateren. "Je kunt niet 'hartfalen' blijven schrijven", zou de arts hebben gezegd over de valse overlijdensverklaringen die hij ondertekende.

Van Hout heeft zijn relaas ook verteld aan de toenmalige voorzitter van de raad van toezicht, die tevens president van de rechtbank van Roermond was en aan toenmalig directeur Gerard Eijsink. Eijsink, die vijftien jaar directeur van de instelling was, zegt zich het gesprek met Van Hout niet te herinneren. Wel is hij in 1986 benaderd door een arts, die hem wees op de opvallende piek in het sterftecijfer begin jaren vijftig. Ook zij hadden geen andere verklaring dan een epidemie. Eijsink zegt zich 'geen raad' te weten met de uitspraken van Van Hout.

 
 

Any original material on these pages is copyright © BishopAccountability.org 2004. Reproduce freely with attribution.